Van 10 minuten naar 30 seconden: Aaltra maakt IoT-applicaties bruikbaar

dinsdag, 6 januari 2026 (10:55) - Techzine

In dit artikel:

Het Belgische softwarebedrijf Aaltra, onder leiding van CEO Pieter-Paulus Vertongen, vertaalt complexe IoT-systemen van fabrikanten zoals Daikin Europe, Atlas Copco en Spectre Bikes naar gebruiksvriendelijke applicaties voor techniekers. In een nieuwe aflevering van Techzine Talks licht Vertongen toe waarom connectiviteit alleen onvoldoende is: de crux zit in interfaces die mensen zonder diepgaande technische kennis effectief laten handelen.

Aaltra werkt bewust user-first. In plaats van te vertrekken vanuit alle beschikbare sensordata, begint het team met de taken die eindgebruikers moeten uitvoeren. Die werkwijze lost het veelvoorkomende probleem op van dashboards vol parameters zonder context. Praktische voorbeelden tonen het effect: voor Atlas Copco ontwikkelde Aaltra een app die bij uitval meteen de juiste foutcode, handleiding en benodigde reserveonderdelen toont, zodat monteurs van tevoren de juiste materialen meenemen. Voor Lightstream bouwde het bedrijf een Apple Vision Pro-app waarmee een reparatie op papier 10 minuten duurt, op tablet 2 minuten en met AR nog maar 30 seconden — cruciaal bij stilstand van productie.

Een onderscheidende factor is de interne teamopzet: teams van zes à zeven mensen combineren strategie, design en development, zodat ontwerpers technische beperkingen kennen en ontwikkelaars meedenken over UX. Dat voorkomt misverstanden zoals ontwerpkeuzes die technisch niet real-time te realiseren zijn (bijvoorbeeld bij LoRa-protocollen).

Aaltra ziet bovendien een verschuiving van enkel verbonden apparaten naar agentic IoT en physical AI: systemen die zelfstandig beslissingen nemen of voorstellen doen, waardoor interactionele rollen van mensen veranderen. Tegelijkertijd verwacht Vertongen dat traditionele programmeerrollen door “vibe coding” en AI-gestuurde ontwikkeltools binnen enkele jaren fundamenteel veranderen; de menselijke meerwaarde blijft echter het scherp formuleren van problemen en eisen.

Qua technologie experimenteert Aaltra met AR-brillen. De Samsung XR (ruwweg half de prijs van Apple Vision Pro) blijkt voor ontwikkelaars toegankelijker en sneller in ontwikkeling, terwijl Vision Pro strakker afgeschermd is. AR is vooral nuttig voor specifieke hands-on taken: informatie zweeft in het gezichtsveld, waardoor gereedschap niet weggelegd hoeft te worden. Verwachting is dat brillen lichter en alledaagser worden, waarna IoT-interfaces ingrijpend zullen veranderen.

Data-eigenaarschap en security zijn volgens Aaltra essentieel: data wordt bij voorkeur in de infrastructuur van de klant opgeslagen en beveiliging moet vanaf het eerste ontwerp meegenomen worden. Veel connectiviteitsprojecten komen echter niet vanuit IT, waardoor security-checklists soms achterwege blijven; Aaltra ondersteunt klanten bij het afdichten van die processen.

De bedrijfslogica bepaalt niet altijd dat iets verbonden moet worden. Aaltra weigert soms opdrachten als de connectiviteit de businesscase ondermijnt — een voorbeeld is een waterverzachterfabrikant die dankzij connectiviteit juist minder zout zou verkopen. Daarom houdt Aaltra workshops om doelen en waarde voor eindgebruikers scherp te krijgen: niet elke technisch mogelijke koppeling voegt echte waarde toe.

Methodisch werkt Aaltra iteratief en continu: projecten beginnen met minimaal acht weken gebruikersonderzoek en prototypes, gevolgd door korte sprints van drie weken met werkende, gebruikstestbare iteraties. Voor klanten als Daikin loopt dat proces al jaren door zonder een vast eindpunt.

Kortom: Aaltra zoekt de combinatie van slimme technologie, mensgericht ontwerp en pragmatische businessafwegingen om IoT echt bruikbaar en veilig te maken — met AR, AI en een andere manier van werken als pijlers voor de komende jaren.