Review - Hdd's zijn terug van nooit weggeweest: twee harde schijven van 30TB getest

vrijdag, 16 januari 2026 (06:45) - Tweakers

In dit artikel:

Na ruim elf jaar testwerk richt het testlab zich weer op traditionele harde schijven: niet als primaire game‑schijf, maar als massale opslag in pc’s of nas-systemen. De review vergelijkt drie recente Seagate-drives: twee 30TB‑modellen (IronWolf Pro 30TB en Exos M 30TB) en een 20TB Exos X24. Seagate is hier dominant omdat het op het moment van testen de enige fabrikant met 30TB‑schijven is; nieuwere capaciteiten (32/36TB) worden genoemd als vooruitblik.

Wat voor schijven zijn het?
- Alle drie draaien op 7.200 rpm en hebben 512 MB cache.
- De Exos M 30TB en IronWolf Pro 30TB gebruiken HAMR (Seagate‑merknaam Mozaic / Mozaic 3+) — een techniek waarbij een miniatuurlaser een klein stukje platter verwarmt voor hogere dichtheid. Dat verklaart ook het waarschuwingslabel 'Class 1 consumer laser product'.
- De Exos X24 20TB is een conventionele (non‑HAMR) enterprise‑schijf en geldt als voorloper van de HAMR‑serie; capaciteit van de X24 loopt tot 24TB, terwijl Exos M en IronWolf Pro grotere formaten bieden (Exos M tot 36TB, IronWolf Pro tot 30TB).

Testopzet en meetmethoden
- Benchmarks: ATTO, CrystalDiskMark en AS SSD (de laatste om latere vergelijkingen met ssd’s mogelijk te maken). Er is ook een kopieertest (gedraaid vanaf een ramdisk), iops‑berekeningen, warmtetest en opgenomen vermogen (opgeteld over 5V en 12V).
- Geluidsmetingen in een geluidsarme ruimte met een Larson Davis 831C‑meter en 378A04‑microfoon; schijven gemonteerd in een nauwsluitende 3D‑geprinte caddy om contacttrillingen uit te sluiten.
- Focus ligt op realistische nas/secondaire‑opslagbelastingen, niet op systeembootstrap‑benchmarks.

Belangrijkste bevindingen
- Prestaties: De Exos‑drives (vooral de grote modellen) domineren de synthetische tests; ze tonen hogere sequentiële en random doorvoersnelheden. Opvallend is dat de 20TB Exos X24 in sommige 4k‑randomtests een bijzonder sterke voorsprong liet zien — na herhaalde tests bleek dit reproducerend. De IronWolf Pro lag in ATTO structureel iets achter de Exos‑modellen, ondanks identieke rpm en cachegrootte.
- HAMR versus conventioneel: HAMR levert vooral voordelen in capaciteit; de prestatieverschillen zijn klein, behalve bij 4k‑prestaties waar de X24 soms beter scoort. Voor backup van grote bestanden merk je in de praktijk weinig verschil.
- Geluid en vermogen: Alle drie zijn verrassend stil voor 7.200 rpm‑drives; de IronWolf is marginaler stiller en iets zuiniger in idle en bij random reads. Temperatuurverschillen zijn minimaal; ook onder langdurig schrijven bleven snelheden relatief stabiel.
- Prijs: Er is geen volledige prijsoverlap per capaciteit. Over het algemeen is de Exos M iets goedkoper dan de IronWolf met vergelijkbare prestaties, waardoor die vaak een logische keuze is. Voor kleinere capaciteiten kan de X24 aantrekkelijker zijn, zeker bij veel kleine bestanden. Voor >24TB‑capaciteit zijn HAMR‑drives onvermijdelijk.

Praktische conclusie
Wil je maximale capaciteit (≥30TB) of scherpe prijs per TB, kies je voor de HAMR‑Exos (of IronWolf Pro); zoek je goede prestaties bij veel kleine bestanden en wil je tot 24TB blijven, dan is de Exos X24 een sterke, soms snellere optie. In dagelijkse nas‑scenario’s wegen de kleine verschillen in geluid, temperatuur en vermogen nauwelijks; capaciteit en prijs/gebruiksscenario blijven de doorslaggevende factoren.