Nederlands bod op DigiD-beheerder Solvinity was net niet voldoende
In dit artikel:
Een Nederlandse investeerder is net afgewezen bij de overname van Solvinity, het bedrijf dat namens de overheid DigiD beheert. Volgens EenVandaag bood de Nederlandse partij slechts enkele miljoenen minder dan het winnende bod van het Amerikaanse Kyndryl, dat minimaal 100 miljoen euro zou hebben geboden. Solvinity en de Nederlandse bieder geven geen precieze cijfers; de directeur van de bieder bevestigde alleen dat hij met een klein verschil werd overboden.
De transactie heeft in Den Haag directe kritiek losgemaakt. Kamerleden van GroenLinks-PvdA, CDA en JA21 vragen opheldering en waarschuwen dat het uitschakelen van een binnenlandse kandidaat tegen de wens van de Kamer ingaat om zoveel mogelijk zelf de regie over Nederlandse data te houden. GroenLinks-PvdA-Kamerlid Barbara Kathmann vroeg schriftelijke vragen en organiseert een bijeenkomst over alternatieven voor Amerikaanse clouddiensten; de kwestie staat volgende week op de parlementaire agenda.
De overname wordt onderzocht door het Bureau Toetsing Investeringen (BTI). Dat onafhankelijke orgaan beoordeelt of de deal risico’s oplevert voor de toegankelijkheid en veiligheid van DigiD; zo’n procedure kan maanden duren en kan leiden tot ingrijpen als een “onacceptabel risico” wordt vastgesteld. Staatssecretaris Eddie van Marum zegt begrip te hebben voor de zorgen en benadrukt dat bescherming van essentiële persoonsgegevens prioriteit heeft.
Brede bezorgdheid draait om Amerikaanse wetgeving (zoals de CLOUD Act) die Amerikaanse overheden toegang tot gegevens kan geven. Hoewel grote Amerikaanse techbedrijven garanties geven over Europese dataisolatie — en sommige diensten zoals AWS een “European Sovereign Cloud” aanbieden — is het juridische bereik van zulke garanties nog onbewezen. Mogelijk resultaat: Kyndryl mag Solvinity overnemen, of de transactie wordt (gedeeltelijk) geblokkeerd of voorzien van voorwaarden om risico’s voor DigiD te beperken.