Nederland verbiedt overname Solvinity door Kyndryl

dinsdag, 26 mei 2026 (12:26) - Techzine

In dit artikel:

Staatssecretaris Willemijn Aerdts (EZK) heeft de voorgenomen overname van het Nederlandse IT-bedrijf Solvinity door het Amerikaanse Kyndryl verboden. Het besluit, genomen op 25 mei, volgt op een onderzoek van het Bureau Toetsing Investeringen (BTI) op grond van de Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie (WOZT). Het BTI begon het onderzoek direct na een melding op 21 november en adviseerde na afronding een volledig verbod; dat advies heeft Aerdts overgenomen en beide partijen zijn geïnformeerd.

De zaak kreeg sinds de aangekondigde verkoop in november veel politieke aandacht omdat Solvinity kritieke ICT-infrastructuur beheert voor overheidstoepassingen zoals DigiD en MijnOverheid. Die rol maakte de transactie gevoelig voor nationale belangen en leverde al eerder Kamervragen, een aangenomen motie om het DigiD-hostingcontract in 2028 niet te verlengen bij verkoop, en een kort geding op. Een rechter weigerde begin mei een onmiddellijke beëindiging van het contract; volgens de rechter is een veilige migratie zes tot acht maanden nodig.

Het verboden pakket zou minstens circa 100 miljoen euro omvatten. Een alternatief bod van een Nederlandse partij kwam te laat, en het is nog onduidelijk of Solvinity opnieuw te koop komt. Aerdts stelt dat de toetsing landenneutraal, op risico’s gebaseerd en proportioneel is, maar het besluit onderstreept dat publiek-kritische digitale infrastructuur als staatsbelang kan worden aangemerkt en daarmee grensoverschrijdende overnames kan blokkeren.

De staatssecretaris nam geen uitstel omdat er signalen waren dat de transactie spoedig voltooid zou worden. Het kabinet blijft in contact met Solvinity en de huidige eigenaar en biedt de Tweede Kamer een vertrouwelijke technische briefing aan om het besluit toe te lichten. De uitkomst van deze casus kan verstrekkende gevolgen hebben: technologiebedrijven moeten voortaan beter inschatten of hun diensten essentieel zijn voor de nationale digitale infrastructuur, omdat de Nederlandse overheid in zulke gevallen vergelijkbaar kan optreden.