Microsoft-plan moet energie en water beschermen bij datacenteruitrol
In dit artikel:
Microsoft introduceert het ‘Community‑First AI Infrastructure’-plan om de lokale effecten van de Amerikaanse datacenteruitbreiding te beperken. Het bedrijf doet vijf concrete toezeggingen aan gemeenschappen: de volledige kosten van elektriciteit dekken, watergebruik sterk terugdringen, lokale banen en opleidingen stimuleren, in infrastructuur investeren en volledige onroerendgoedbelasting betalen — plus financiële en vrijwilligerssteun aan lokale goededoelen.
Op energiegebied vraagt Microsoft aan nutsbedrijven en toezichthouders tarieven in te stellen die de echte kosten van datacenters dekken, zodat huishoudens niet de rekening betalen. Het contracteert vroegtijdig capaciteit, betaalt zelf voor transmissie- en cabine-upgrades en heeft in het MISO-netwerk al 7,9 GW aan nieuwe opwekking vastgelegd — meer dan dubbel het huidige verbruik van zijn systemen. In Wyoming werkt het bedrijf samen met Black Hills Energy om datacentergroei zo te organiseren dat de lokale economie er voordeel van heeft.
Voor water zet Microsoft in op een vermindering van 40 procent in water‑intensiteit voor zijn datacenterportfolio tegen 2030. Nieuwe ontwerpen met gesloten koelsystemen die geen drinkwater gebruiken zijn al toegepast in onder meer Wisconsin en Georgia. In droge regio’s zoals Quincy (Washington) bouwde Microsoft een waterhergebruikinstallatie; in Leesburg (Virginia) investeert het meer dan 25 miljoen dollar in water‑ en rioolverbeteringen. Daarnaast belooft het bedrijf meer water te compenseren dan het onttrekt via projecten zoals lekdetectie en herstel van wetlands.
Op werkgelegenheid en vaardigheden werkt Microsoft samen met North America’s Building Trades Unions (NABTU) om leerling‑ en vakprogramma’s te versterken en breidt het de Datacenter Academy uit — een samenwerking met lokale community colleges die mensen opleidt voor operationele datacenterrollen. Praktijklabs en certificeringen zijn al operationeel in Boydton (Virginia). Ook investeert Microsoft in AI‑vaardigheden voor scholen, bibliotheken en kleine ondernemingen in de buurt van datacenters.
Quincy fungeert als voorbeeld: sinds 2008 bouwde Microsoft er meer dan twintig datacenters; armoede daalde van 29,4% in 2013 naar 13,1% in 2023 en de onroerendgoedbelastinginkomsten stegen van 60 naar 180 miljoen dollar. Microsoft belooft overal volledige onroerendgoedbelasting te betalen en biedt werknemers matching‑programma’s voor giften en vrijwilligersuren; in 2024 leverde dat in de VS 229,1 miljoen dollar aan donaties en bijna een miljoen vrijwilligersuren op.
Met het initiatief probeert Microsoft te voorkomen dat gemeenschappen de lasten van de AI‑infrastructuurboom dragen en wil het een model bieden voor verantwoorde datacenterontwikkeling.