"MCP is gewoon een API", en dat is precies het probleem van Gemini Enterprise
In dit artikel:
Tijdens Google Cloud Next 2026 in Las Vegas presenteerde Google de Agentic Data Cloud als de verbindende laag ("connective tissue") van de enterprise AI-stack: een infrastructuur die alle bedrijfsdata samenbrengt, agents van context voorziet en hallucinerende AI voorkomt met een Universal Context Engine. Het verhaal is ambitieus, maar in een gesprek met Andi Gutmans (VP en GM Data Cloud) werd duidelijk dat er een groot en bewust open gelaten probleem is: integratie met de duizenden systemen waarop enterprises draaien.
De kern van de kritiek is simpel: de connective tissue werkt alleen als er daadwerkelijk veel systemen zijn aangesloten. Google kan native koppelingen aanbieden voor zijn eigen diensten (BigQuery, Spanner, Workspace) en heeft integraties met enkele grote derde partijen (Salesforce, SAP, ServiceNow). Maar de gemiddelde organisatie gebruikt honderden tot bijna duizend applicaties; voor die brede massa bestaan de benodigde connectoren veelal niet. Gutmans erkent dit en legt de nadruk op partners, MCP (Model Context Protocol) en de hoop dat het ecosysteem snel genoeg support levert.
MCP wordt door Google gepromoot als middel voor agents om context op te halen uit applicaties, maar Gutmans verwoordde het kernpunt scherp: "MCP is gewoon een API." In de praktijk betekent dat er nog steeds werk nodig is om integraties te bouwen: of het nu via MCP, REST APIs of partner-oplossingen gebeurt, iemand moet die koppelingen ontwikkelen en onderhouden. De belofte dat agents zichzelf probleemloos door ongedocumenteerde APIs gaan redeneren is interessant voor experimenten, maar biedt weinig zekerheid voor CIO's die dit kwartaal productief willen inzetten.
Google-CEO Thomas Kurian wees op dat Google meer dan honderd connectoren bouwt, maar de Gemini Enterprise-connectorpagina toont minder dan tien native third-party connectoren (waarvan enkele in preview). Sommige extra koppelingen komen via Google Cloud Integration Connectors, een developer-platform dat ontwikkelcapaciteit vereist en geen kant-en-klare één-klik-integraties levert. Daarmee blijft de afstand tot iPaaS-aanbieders (die vaak duizenden kant-en-klare connectoren hebben) aanzienlijk.
Concurrenten hebben dat punt expliciet opgepakt: Workday kocht in november 2025 iPaaS-platform PipeDream om snel honderden tot duizenden connectoren te kunnen aanbieden; Salesforce nam al eerder MuleSoft over en voegde recent Informatica toe. Dergelijke acquisities verlagen de instapdrempel voor nieuwe klanten omdat integraties direct beschikbaar zijn — iets waar Google nu relatief minder overtuigend in is.
Tegelijk toont Google met demo’s — zoals een agent die in vijftien minuten de impact van een blokkade in de Straat van Hormuz op de supply chain analyseert — wat mogelijk is als relevante data al op de juiste plek staan. Zulke voorbeelden bewijzen waarde voor early adopters met een goed georganiseerd datalandschap. Voor veel Europese ondernemingen met verouderde ERP-systemen, tientallen SaaS-silo’s en verspreide bedrijfsdata is die fundering echter nog onvolledig.
Kortom: Agentic Data Cloud biedt krachtige technologie en nuttige tooling voor organisaties met een sterk datavondament. Maar de centrale belofte van een universele verbindingslaag valt voorlopig tegen zolang Google niet veel sneller, en meer hands-on, zorgt voor brede kant-en-klare connectoren of een volwaardig iPaaS-aanbod. De uitdaging is niet technisch vernieuwendheid alleen, maar het praktisch oplossen van integratiebarrières voordat klanten kiezen voor platforms die die connectoren wél direct leveren.