Hoe organisaties in 2026 AI echt laten werken: vijf trends die alles bepalen
In dit artikel:
2025 was het experimenteerjaar; 2026 wordt het jaar van volwassenheid voor AI in Europa. Bedrijven en publieke organisaties moeten keuzes maken door beperkt beschikbare rekenkracht, strengere Europese wetgeving en een toenemende eis voor meetbaar rendement. Dat vertaalt zich in vijf centrale bewegingen die samen bepalen hoe AI volgend jaar in de praktijk wordt toegepast.
Efficiëntie boven schaal
De focus verschuift van het bouwen van steeds grotere modellen naar het maximaal benutten van bestaande capaciteit. GPU‑tekorten en torenhoge investeringen maken brute schaal onhaalbaar voor veel Europese spelers. Organisaties optimaliseren daarom doorlooptijden, energieverbruik en kosten per taak: betere orchestration, geautomatiseerde experimenten en nauwkeurige prestatiemetingen moeten rendement geven. Een mix van NVIDIA‑ en AMD‑GPU’s speelt een rol bij het realiseren van doelgerichte AI‑platforms.
Strengere Europese regels dwingen technische compliance
De AI Act en de aankomende Cloud & AI Development Act geven in 2026 heldere kaders over waar AI‑systemen mogen draaien en hoe data beschermd moet worden. Soevereiniteit wordt praktisch: bedrijven en overheden moeten aantoonbaar kunnen maken waar data staat, hoe workloads worden beveiligd en welke controles risico’s beperken. Dit vereist technische garanties in SLA’s (datalocatie, geauditeerde controles, exit‑opties) en maakt governance tot een ontwerpeis: “governance by design”. Organisaties die hier snel op inspelen, verlagen opschalingsrisico’s en winnen concurrerende voordelen.
Regio en infrastructuur krijgen gewicht
West‑Europa ontwikkelt zich tot meer dan een afnemer van hyperscalers. Nieuwe datacenters, onderzoeksfaciliteiten en soevereine cloudinitiatieven — met flinke investeringen in België, een nationale AI‑infrastructuur in Nederland (o.a. EU AI Factory in Groningen) en experimenten in Luxemburg — bieden alternatieven die voldoen aan EU‑regels, lagere latency en betere datacontrole. CIO’s moeten in 2026 de geografische keuze voor workloads expliciet meenemen: nabijheid, energiecontracten en sectorale eisen wegen even zwaar als rekenkracht.
Kleine, domeinspecifieke modellen en agentic workflows
De praktijk verlegt zich naar compacte, taakgerichte modellen. Domeinmodellen zijn sneller, goedkoper te trainen, makkelijker te toetsen en minder risicovol dan generieke megamodellen. In combinatie met multi‑agent systemen kunnen organisaties complexe werkstromen opdelen en automatiseren, waardoor meerdere kleinere modellen samen meer waarde leveren dan één groot model. Toepassingen als KYC, inspecties en klantinteractie lenen zich bij uitstek voor deze benadering.
AI op de werkvloer: beslissen bij de bron
AI verhuist dichter naar de rand van netwerken: lokale inference voor inspecties, realtime logistieke optimalisatie en privacykritische toepassingen die offline moeten functioneren. Dit vermindert afhankelijkheid van centrale cloudproviders en sluit aan op Europese soevereiniteitseisen. Centraal en decentraal gebruik vullen elkaar aan, zodat systemen blijven werken ook bij wegvallende verbindingen.
Wat organisaties moeten doen
Architectuur en governance worden strategische keuzegebieden. Investeren in portabiliteit, transparantie en herhaalbare, compacte AI‑workflows levert sneller bedrijfswaarde op dan proberen te concurreren op schaal met de VS en China. Europese regelgeving is streng maar biedt tegelijk kansen: wie vanaf ontwerpprincipes voor compliance en efficiëntie kiest, bouwt een duurzaam concurrentievoordeel.
Dit is een ingezonden bijdrage van Vultr; meer informatie is beschikbaar via de bron.