EU-plan van 20 miljard voor AI-uitbouw stuit op kritiek van alle kanten
In dit artikel:
De EU reserveert 20 miljard euro om meerdere grootschalige AI‑"gigafabrieken" te bouwen — elk voorgesteld met rond de 100.000 GPU’s — als antwoord op Amerikaanse projecten zoals OpenAI’s Stargate. Het idee, gepresenteerd door voorzitter Ursula von der Leyen in februari vorig jaar, moet formeel worden opgestart met een oproep dit voorjaar maar die is al twee keer uitgesteld. Politico bericht dat het plan al vóór de lancering veel kritiek oogst.
Wetgevers, deskundigen en bedrijven twijfelen of de capaciteit daadwerkelijk een markt heeft en of de focus op massale training de juiste inzet van middelen is. In een informele peiling kwamen 76 biedingen binnen voor 60 locaties in 16 landen, maar het blijft onduidelijk welke organisaties uiteindelijk die rekenkracht gaan gebruiken. Concurrenten in de markt handelen al zelfstandig: Mistral investeert zelf in datacenters in Zweden en rond Parijs, wat vragen oproept voor wie de EU‑faciliteiten eigenlijk bedoeld zijn.
Er is ook zorg over strategische afhankelijkheid van Nvidia als dominante leverancier van chips, iets waar een groep van 18 Europarlementariërs voor waarschuwde. Tegelijk verandert de technische realiteit snel: training wordt relatief minder dominant, terwijl inferencing en gedecentraliseerde AI‑architecturen aan belang winnen — ontwikkelingen die de nutswaarde van grootschalige trainingscentra kunnen verminderen.
Financieel is 20 miljard beperkt vergeleken met Amerikaanse en commerciële spelers (honderden miljarden in gereserveerde uitgaven wereldwijd). Het EU‑model vereist bovendien ongeveer 65% private investering, wat al tot vertragingen leidt. Daarnaast kampen Europese datacenters met structureel hoger dan beschikbaar aanbod en zorgen over stroomvoorziening. Daardoor blijft onduidelijk of de gigafabrieken de kloof zullen dichten of — net als eerdere EU‑industrieplannen — vooral retorisch effect hebben en externe investeerders moeten aantrekken.