De rust is terug bij Atos, hoe kijkt het naar de toekomst?
In dit artikel:
Atos Nederland onder leiding van Hans Koolen komt na jaren van onrust geleidelijk tot rust en herpositioneert zich strategisch richting klanten en de markt. Koolen, sinds april vorig jaar CEO, gebruikt de eigen crisiservaring als gespreksopener bij opdrachtgevers en vraagt actief naar hun vangnet als een IT-dienstverlener zou wegvallen. Dat onderstreept zijn waarschuwing: langdurige afhankelijkheid van één leverancier of platform brengt risico’s met zich mee.
Kernklanten blijven aan Atos verbonden: ongeveer 89 procent werkt al meer dan tien jaar met het bedrijf samen. Koolen benadrukt dat dit geen ongewenste lock-in is maar voortkomt uit tevredenheid en diepgaande rol als system integrator, vaak op directieniveau. Atos wil voortaan sterker herkenbaar zijn als technologiebedrijf met eigen platformen en zich niet beperken tot een loutere middleware-positie. De focus ligt expliciet op private en soevereine cloudoplossingen; volgens Koolen zijn veel functies die in publieke clouds draaien ook in private clouds beschikbaar, en een aanzienlijk deel van organisaties is bezig met het terughalen van data uit publieke clouds.
Een belangrijke les uit recente migratieprojecten is dat eenvoudige lift‑and‑shift van monolithische systemen (zoals ongewijzigde verplaatsing van SAP S4) vaak faalt: het levert weinig schaalbaarheid op en benut hyperscaler-innovaties niet. Koolen pleit voor cloud-native modernisering en ‘composability’, waardoor workloads verplaatsbaar en flexibeler worden. Atos ziet het helpen bij zulke transities—zowel technisch als organisatorisch—als een belangrijke taak.
Technical debt krijgt in zijn visie meer aandacht in bestuurskamers. Koolen vindt dat deze schuldenpositie zichtbaarder en financieel gekwalificeerd moet worden, zodat urgentie ontstaat voor professioneel lifecyclemanagement. Dat betekent niet blind vernieuwen; stabiele mainframes mogen blijven als ze geen rem vormen op noodzakelijke verandering. Verouderde applicaties en starre licenties ziet hij wel als concrete kostenposten die beter op de balans moeten komen.
Demografische ontwikkelingen versterken de behoefte aan modernisering: door vergrijzing neemt de arbeidsvoorraad in Nederland jaarlijks met ongeveer 50.000 mensen af. AI kan helpen dit tekort op te vangen, maar is volgens Koolen geen doel op zich—het is een middel om schaarste te verzachten, geen vervanging van mensen.
Strategisch kiest Atos voor die sectoren waar het traditioneel sterk staat (gezondheidszorg, publieke sector, defensie) en wil onafhankelijk blijven in partnerkeuzes. Financieel en operationeel ligt de nadruk op het Genesis-plan: kostenreductie, afbouw van schulden, en substantiële investeringen in R&D (initieel genoemd rond €100 mln, met uiteindelijk honderden miljoenen beschikbaar). Medewerkers moeten dit jaar volledig AI-geschoold worden. De transformatie is ambitieus en dient volgens Koolen zowel als belofte naar klanten als bewijs dat Atos zelf verandering effectief kan vormgeven.