Achtergrond - Big tech verdient miljarden aan Europeanen, maar de digitaks blijft uit
In dit artikel:
Een digitaledienstenbelasting moet ervoor zorgen dat grote techbedrijven belasting betalen over inkomsten die zij in Europa behalen, ook wanneer zij daar geen fysieke vestiging hebben. Bestaande belastingregels sluiten onvoldoende aan op digitale verdienmodellen, zoals gerichte advertenties op basis van gebruikersdata, online diensten en digitale verkopen. Bedrijven als Google, Meta, Amazon, Apple, OpenAI en Microsoft kunnen daardoor relatief weinig traditionele belasting afdragen in landen waar hun gebruikers zich bevinden.
De Europese Commissie schat dat een Europese digitaks jaarlijks ongeveer 5 miljard euro kan opleveren. Het Europees Parlement steunt dergelijke wetgeving al sinds 2018, maar de Europese Unie heeft nog geen gezamenlijke regeling ingevoerd. Een belangrijke reden is de verwachte reactie van de Verenigde Staten. Omdat vooral Amerikaanse ondernemingen door zo’n belasting zouden worden geraakt, dreigt Washington met handelsmaatregelen of andere sancties tegen landen die de heffing invoeren. Eurocommissaris Wopke Hoekstra wil daarom eerst internationale oplossingen benutten, om een directe confrontatie met de regering-Trump te vermijden.
Frankrijk, Italië, Spanje en Oostenrijk hebben inmiddels zelf een vorm van digitaks ingevoerd. De Verenigde Staten onderzoeken op basis van Section 301 mogelijke tegenmaatregelen tegen deze landen. Frankrijk pleit daarom voor één Europese regeling, zodat de gevolgen van Amerikaanse vergelding niet bij afzonderlijke lidstaten terechtkomen.
Op internationaal niveau bereikten de G20 en de OESO in 2021 overeenstemming over een plan met twee pijlers. De eerste moet vastleggen wanneer een land belasting mag heffen over een bedrijf dat er niet gevestigd is; daarbij geldt onder meer een omzetdrempel van 1 miljoen euro in de betreffende markt. De tweede pijler verplicht multinationals met een wereldwijde omzet boven 750 miljoen euro tot een effectief minimumniveau van 15 procent winstbelasting per markt. Die minimumbelasting geldt sinds 2024 in de EU, maar de afspraken over de verdeling van heffingsrechten zijn nog niet daadwerkelijk ingevoerd.
België wil internationale regels alsnog uiterlijk in 2027 in nationale wetgeving verwerken. Volgens het Belgische regeerakkoord kan daarbij een heffing van 3 procent op digitale multinationals worden overwogen. Nederland heeft in het huidige regeerakkoord geen concrete digitaks opgenomen en benadrukt vooral het belang van een gelijk speelveld binnen Europa. Eerdere voorstellen van onder meer GroenLinks-PvdA, inmiddels Progressief Nederland, en Volt om bigtechbedrijven zwaarder te belasten, maken geen deel uit van het huidige kabinetsbeleid.
Zolang internationale onderhandelingen geen breed toepasbare oplossing opleveren, blijven Europese landen afhankelijk van eigen maatregelen. Die brengen hen wel in het vizier van de Verenigde Staten. Een gezamenlijke Europese digitaks blijft daardoor voorlopig uit, terwijl Amerikaanse techbedrijven inkomsten en gebruikersdata uit Europa blijven benutten.
Vandaag Inside: René van der Gijp lacht om tafelgast bij Renze: 'Hij doet z'n naam eer aan!'